Schansspringen

Schansspringen

Schansspringen is een echte wintersport, waarbij van een schans gesprongen wordt met ski’s. Het is al vanaf het begin van de Olympische Winterspelen onderdeel van het programma.

 

De sprong

Een schanssprong is heel kort vergeleken met andere sporten. Bobsleeën bijvoorbeeld duurt ongeveer 50+ seconden terwijl een schanssprong nog geen 20 seconden duurt. Een sprong bij schansspringen bestaat uit 5 fases;

Fase 1: De springer bereidt zich voor bovenaan de schans, hier is een balk waar de springer op zit te wachten.

Fase 2: De aanloop wordt het genoemd, hier kan een springer tot wel 100km/h over de schans gaan.

Fase 3: De sprong of de afzet, hier strekt een springer zijn knieën en het lichaam met een zeer vlotte beweging.

Fase 4: De vlucht, hierbij houdt de springer zijn/haar ski’s in een V-vorm en kunnen er kleine correcties gedaan worden door armbewegingen. Dit is bijvoorbeeld om recht op de baan te landen.

Fase 5: De landing, hier komt de springer neer met de ski’s in een parallelle- of in de telemarkpositie.

Techniek

Op de schans zorgt een springer voor een aerodynamische houding waardoor hij/zij sneller gaat, ‘aero’ betekent lucht en met ‘dynamisch’ wordt iets dat in beweging is bedoeld.

Dit betekent dat door de houding die de springer aanneemt hij/zij minder wind vangt en meer snelheid zal krijgen.

In de afgelopen 100 jaar zijn er dingen veranderd in de techniek van het schansspringen, bijvoorbeeld tijdens de sprong. Nu worden de ski’s in een V-vorm gehouden met het lichaam zo veel mogelijk er tussenin. De armen worden hierbij stil naast het lichaam gehouden. Dit is om zoveel mogelijk wind te vangen zodat de springer verder wordt gedragen en er meer meters afgelegd kunnen worden. Dit werd in het begin als een lelijke vorm gezien en hiervoor werden punten afgetrokken. In het begin werd de vorm mooi gevonden waarbij de ski’s parallel gehouden werden.

Ook maakten de springers rondjes met hun armen. De reden dat er nu voor de V-vorm geen punten afgetrokken meer worden is omdat de jury zag dat met die vorm de springer veel verder kwam. Ze hebben hun oordeel daardoor aangepast in de afgelopen eeuw.

Materiaal en veiligheid

Er zijn strenge voorschriften voor welk materiaal er gebruikt mag worden, dit geldt zowel voor de pakken als voor de ski’s. De ski’s die gebruikt worden zijn redelijk breed en tussen de 240 cm en 270 cm lang. De pakken zijn gemaakt van een soort schuimrubber. Ook worden er regels aan de pakken en ski’s verbonden die te maken hebben met de lengte en het gewicht van de springer.

Om een sprong te mogen doen moeten de weersomstandigheden goedgekeurd worden, want een springer die wind vanuit zijn zij krijgt kan ver uit koers raken. Dit is wat schansspringen een gevaarlijke sport maakt. Een springer moest dus ook wachten tot hij groen licht krijgt, waarbij de coach vaak ook zwaait met een vlag. Bij groen licht heeft een springer vervolgens maar 10 seconden om aan de sprong te beginnen.

Kootsj

Hallo, mijn naam is Kootsj! Op Surfkids ben ik de echte actieveling en daarom houd ik je op de hoogte van alles wat met sport en spel te maken heeft.